Van Diepenburchstraat 3

transformatorstation

toon op de kaart
  • Status
    Rijksmonument
  • Architect
    Luthmann, M.J.
  • Monument nr.
    530861
  • Wijk
    Benoordenhout
  • Bouwjaar
    1942
Registerblad 

Inleiding
Het TRANSFORMATORSTATION met HEKPIJLERS is gelegen in de vooroorlogse woonwijk het Benoordenhout. Het gebouw heeft een voorplein dat aan de openbare weg wordt afgesloten door een hekwerk met zware hekpijlers en staat door het voorplein iets teruggelegen van de rooilijn en in de as van de Maudricstraat. Het transformatorstation is gebouwd in1942, tijdens de oorlog, en daarom is op last van het Departement van defensie een verzwaarde constructie toegepast. Ramen waren niet toegestaan,ook niet in het bedrijfsgedeelte. Ontwerper van het gebouw is architect J.M. Luthmann, op dat moment in tijdelijke dienst van de gemeente Den Haag. Luthman begon zijn carrière bij de dienst Landsgebouwen Eerste District, voorloper van de Rijksgebouwendienst. In deze periode ontwierp hij het radiostation in Kootwijk dat zijn bekendste werk zou worden. Na beëindiging van zijn dienstverband bij de Rijksgebouwendienst vestigde hij zich in Den Haag als particulier architect, hetgeen hij voortzette na zijn tijdelijke dienstverband bij de Gemeentewerken van Den Haag. Vanaf 1952 werkte hij samen met architect W. Prent.
Op de voorgevel van het transformatorstation is een beeldhouwwerk aangebracht van de hand van de Haagse beeldhouwer Dirk Bus. Het op een sokkel geplaatste kunstwerk beeldt een persoon uit met een bliksemschicht in de hand, als personificatie van de elektriciteit. Het betreft een 25.10 kw station. Hier wordt elektriciteit omgezet van 25.000 volt naar 10.000 volt om vervolgens gedistribueerd te worden naar de woonblokken, openbare verlichting etc. Oorspronkelijk bevatte het transformatorstation twee transformatoren, later is een derde bijgeplaatst. De transformatoren zijn enkele malen vervangen. In de loop der tijd zijn de transformatoren steeds kleiner in omvang geworden. De ruimte voor de reservetransformator is dan ook kleiner. De ronde ventilatieroosters zijn in 1963 dichtgezet en vervangen door ventilatieschachten op het dak. Het hekwerk tussen de gemetselde hekpijlers van de erfafscheiding is niet oorspronkelijk en is uitgesloten van de bescherming van rijkswege. De bakstenen muurtjes direct voor de ingangsdeuren zijn latere toevoegingen die geen deel uitmaken van het oorspronkelijke ontwerp. Deze muurtjes zijn uitgesloten van de bescherming van rijkswege.

Omschrijving
Het TRANSFORMATORSTATION heeft een blokvormige opzet op T-vormige plattegrond en is opgetrokken in baksteen. De baksteen is met name in het voorste deel van het gebouw ook decoratief toegepast. De voorgevel en het voorste gedeelte van de zijgevels zijn voorzien van bakstenen ruitmotieven. De daklijst van het voorste deel van het gebouw wordt geaccentueerd door een driedubbele bakstenen lijst met V-vormige motieven. De streng symmetrische voorgevel wordt extra benadrukt door de zes grote ronde vensters net onder de daklijst en het beeldhouwwerk tussen de twee ingangen. De ingangen met stalen deuren zijn geplaatst in een nis met in kleur afwijkende bakstenen invulling. Hierachter bevinden zich twee transformatoren. Bij reparaties of vernieuwen van een transformator, wordt deze invulling weggeslagen om de transformator te kunnen verwijderen. De roosters in de vloeren voor de ingangen lopen door tot in de transformatorruimtes. Hieronder zit de "olievang", een met kiezels gevulde bak waarin de olie wordt opgevangen die uit de transformators lekt. Zo ook bij de derde (reserve)transformator die rechts achter is geplaatst. Intern is het gebouw voorzien van dikke muren en stalen deuren. Het gebouw heeft een kelder, begane grond, gedeeltelijk één en gedeeltelijk twee verdiepingen. De kelder was hoofdzakelijk bedoeld als kabelruimte, olievang ter hoogte van de transformatoren en een CO?-ruimte voor het bestrijden van brand. Op de begane grond bevinden zich in het voorste deel de twee transformatorruimten welke de volledige hoogte van het gebouw beslaan, inclusief de ronde vensters. Achter de transformatoren bevinden zich vervolgens de schakelruimten over twee verdiepingen. Geheel achteraan bevindt zich een kantoorruimte. De zware HEKPIJLERS ter weerszijden van beide ingangen in het hek, dat het perceel van de openbare weg scheidt, zijn van baksteen en zijn getrapt vormgegeven, zodat de entree vanaf de straat naar het gebouw toe smaller wordt.

Waardering
Het TRANSFORMATORSTATION met bijbehorende HEKPIJLERS is een essentieel toonbeeld van de vroege wederopbouw vanaf 1940 en van algemeen belang vanwege de architectuur- en cultuurhistorische waarde:
- als voorbeeld van een transformatorstation dat gebouwd is tijdens de tweede wereldoorlog, hetgeen tot uiting komt in de verzwaarde constructie;
- door de hoogwaardige esthetische kwaliteit die is toegepast op dit utiliteitsgebouw;
- als ontwerp van architect J.M. Luthman en de plaats die het inneemt in zijn oeuvre;
- door het gebruik van toegepaste kunst in de gevel van de hand van beeldhouwer D. Bus;
- door de overwegend gave staat van het gebouw;
- alsmede vanwege de stedenbouwkundige waarde door zijn ligging in de as van de Maudricstraat.

 

begrenzing rijksmonument
Julius Maria Luthmann (1890-1973), architect